Wat is hoger, het individu of het collectief. Het bekende dilemma, zou je een kind kunnen doden om het leven van duizenden te redden. Dat ligt eraan of het je eigen kind is, of als je het kind zelf bent en of het wel heel erg zeker is dat er duizenden gered worden. En dan nog, zou je bij wijze van spreken één Joods kind opofferen om het leven van duizend Nazi’s te redden? En misschien kun je wel iets doen aan de mechaniek die ervoor zorgt dat het offer van één, de groep kan redden, misschien kun je de relatie tussen offer en redden wel veranderen.
De meesten Nederlanders zullen bovenstaand duivels dilemma, zonder al te diep na te denken, beantwoorden met ja. Je mag een kind doden om duizenden levens te redden.
En we doen dat vaak, in zachtere vorm. We offeren een minderheid aan belastingbetalers op, om geld te geven aan de meerderheid. We offeren onze rechtsgelijkheid door minderheden positief te discrimineren, omdat de meerderheid deze minderheid zielig vindt.
Het kind offeren is een aardig dilemma. Stel dat iedereen stemrecht heeft, het kind én de duizend mensen, en ofwel het kind of de groep moet sterven. Dan zal de meerderheid in eigen belang kiezen om het kind te laten sterven. Rechtvaardigheid wordt bepaald door de getallen.
Geen wonder dat als je je kop boven het maaiveld uitsteekt, dat iemand ‘m eraf hakt. Het kind/groep dillemma en de getalsrechtvaardigheid van de meerderheid gaat zelfs zo ver dat het collectief geen afwijkingen tolereert. Alles wat anders is moet hard worden aangepakt. Het collectief heeft niet alleen gelijk, maar ook het recht zich met alles te bemoeien. Het kind moet niet alleen gedood worden, het moet voor het sterven de haat van het collectief voelen, het liefst via helse pijnen. Lenin jaagde tienduizenden mensen de dood in, volgens versneld Darwiniaans recept, de “betere mensen” zouden overblijven en dat was goed voor de mensheid.
De ontwikkelingen zijn verder gegaan. Bovenop het bovenstaande gevoel ligt het Nederlandse individualisme. Men dénkt bij de meerderheid te horen, waardoor een gevoel van rechtvaardigheid bestaat om de buurman dood te wensen. Het Nederlandse individualisme waar men zich zo aan stoort is eigenlijk “solisme”. Indivudialisten zijn namelijk sociaal begaan en hebben respect voor een ander individu. Solisten zijn alleen sociaal begaan met zichzelf. Waar Nederlanders steeds vaker een hekel aan krijgen is dus solisme, niet individualisme.
Socialisten vergeten dit soort feiten maar al te vaak, waarschijnlijk met opzet. De overheid maakt slechte mensen in alles wat de overheid doet. Inmiddels zijn we zover dat Nederlanders de slechte mensen zien, maar ze hebben nog niet door waar het vandaan komt. De kans is groot dat we eerst een concrete ramp moeten zien voordat Nederlanders zich bewust worden van de totaalramp, en inzien dat de overheid geen oplossing is. Dan pas kunnen we ons individualisme ontwikkelen en ons solisme van ons afschudden.
De meesten Nederlanders zullen bovenstaand duivels dilemma, zonder al te diep na te denken, beantwoorden met ja. Je mag een kind doden om duizenden levens te redden.
En we doen dat vaak, in zachtere vorm. We offeren een minderheid aan belastingbetalers op, om geld te geven aan de meerderheid. We offeren onze rechtsgelijkheid door minderheden positief te discrimineren, omdat de meerderheid deze minderheid zielig vindt.
Het kind offeren is een aardig dilemma. Stel dat iedereen stemrecht heeft, het kind én de duizend mensen, en ofwel het kind of de groep moet sterven. Dan zal de meerderheid in eigen belang kiezen om het kind te laten sterven. Rechtvaardigheid wordt bepaald door de getallen.
Geen wonder dat als je je kop boven het maaiveld uitsteekt, dat iemand ‘m eraf hakt. Het kind/groep dillemma en de getalsrechtvaardigheid van de meerderheid gaat zelfs zo ver dat het collectief geen afwijkingen tolereert. Alles wat anders is moet hard worden aangepakt. Het collectief heeft niet alleen gelijk, maar ook het recht zich met alles te bemoeien. Het kind moet niet alleen gedood worden, het moet voor het sterven de haat van het collectief voelen, het liefst via helse pijnen. Lenin jaagde tienduizenden mensen de dood in, volgens versneld Darwiniaans recept, de “betere mensen” zouden overblijven en dat was goed voor de mensheid.
De ontwikkelingen zijn verder gegaan. Bovenop het bovenstaande gevoel ligt het Nederlandse individualisme. Men dénkt bij de meerderheid te horen, waardoor een gevoel van rechtvaardigheid bestaat om de buurman dood te wensen. Het Nederlandse individualisme waar men zich zo aan stoort is eigenlijk “solisme”. Indivudialisten zijn namelijk sociaal begaan en hebben respect voor een ander individu. Solisten zijn alleen sociaal begaan met zichzelf. Waar Nederlanders steeds vaker een hekel aan krijgen is dus solisme, niet individualisme.
Socialisten vergeten dit soort feiten maar al te vaak, waarschijnlijk met opzet. De overheid maakt slechte mensen in alles wat de overheid doet. Inmiddels zijn we zover dat Nederlanders de slechte mensen zien, maar ze hebben nog niet door waar het vandaan komt. De kans is groot dat we eerst een concrete ramp moeten zien voordat Nederlanders zich bewust worden van de totaalramp, en inzien dat de overheid geen oplossing is. Dan pas kunnen we ons individualisme ontwikkelen en ons solisme van ons afschudden.